Buenos Aires – 1

Ons reisverslag was helaas 3 maanden vertraagd, maar we hadden wel aantekeningen, tweets en foto’s. De herinneringen zijn niet helemaal vers meer, maar het is wel leuk om ze weer op te halen. Dit is het vervolg op Het Vertrek. 23 april 2010.

Buenos Aires is een mooie stad. De stad is heel groot, meer dan 10 miljoen inwoners, maar als je er midden in zit merk je daar natuurlijk niet zoveel van. Ons hotel lag heel centraal, aan de rand van de wijk Recoleta, op loopafstand van het centrum en van veel bezienswaardigheden. We kwamen zonder koffers aan; die waren op Schiphol achtergebleven. Gelukkig hadden we voor alle zekerheid ondergoed meegenomen. En in het vliegtuig hadden we tandenborstels en tandpasta gekregen.

In het hotel bleken we een kamer met twee eenpersoons bedden op de twaalfde verdieping te hebben gekregen in plaats van een tweepersoons bed. Er waren op dat moment geen kamers met tweepersoons bed (cama matrimonial) beschikbaar; we konden wachten tot later in de middag of tot de volgende dag. Omdat we al zo’n 30 uur onderweg waren en graag wilden douchen besloten we om maar een nachtje in deze kamer te blijven.

Na de douche de stad maar eens bekijken. Buenos Aires heeft wel wat weg van Parijs. Maar het wordt ook de ‘meest Europese stad’ genoemd. Parijs is Frans, Londen is Engels en Berlijn Duits en geen van deze steden is echt ‘Europees’. Maar Buenos Aires heeft van alles wat, en kan dus echt Europees genoemd worden. In Zuid-Amerika zou je vooral een Spaanse stad verwachten, maar Argentinië heeft heel veel immigranten uit andere landen gehad. Vooral de Italiaanse invloed is groot, maar wat architectuur betreft zijn er veel Franse architecten ingeschakeld. Het heeft ook wel een beetje de grandeur van Parijs: statige gebouwen en grote boulevards. De belangrijkste boulevard is de ‘9 de Julio‘. Deze bestaat uit 2 × 6 rijstroken in het midden – op sommige plaatsen zelfs 7 – gescheiden door een groenstrook, soms met bomen. Daarnaast lopen er aan beide kanten ventwegen die zelfs een andere naam hebben. Deze hebben 2 of 3 rijstroken waarvan er meestal één voor parkeren gebruikt wordt. Ook deze zijn gescheiden door groenstroken. Ons hotel lag één blok van deze boulevard vandaan, dus we hebben hem verschillende keren moeten oversteken. Omdat hij zo breed is kan dit niet in één keer. Als je vlot doorloopt haal je met het groene licht net de helft en moet je wachten tot de volgende cyclus.

Dit was nog niet het ergste: in de buurt van de botanische tuin is een straat met 14 rijstroken, allemaal in dezelfde richting, en geen plaats onderweg waar je kunt stoppen. Je moet dan goed op het voetgangerslicht letten en flink doorlopen, want als je het niet haalt voor de auto’s gaan rijden dan heb je een probleem. Niets dus voor oude dames met een rollator. Ook niet voor oude heren met een rollator trouwens.

Na de douche zijn we de stad ingegaan. Eerst in een cafeetje verderop in de straat geluncht met een lekkere salade. Hoewel het al 3 uur was zaten er nog heel wat mensen te eten. Heerlijk zo relaxed genieten. Daarna verder slenteren en maar kijken wat je tegenkomt. Voor die middag hadden we geen plannen gemaakt.

En dan sta je ineens op het Plaza de Mayo. Bij ons bekend van de ‘dwaze moeders’ die daar regelmatig kwamen (en nog komen) om te vragen wat er met hun verdwenen familieleden is gebeurd in de tijd van het militaire regime van Videla. Op zich is het plein niet indrukwekkend, maar de gedachte aan deze ‘dwaze moeders’ was voor mij toch heel emotioneel.

Plaza de Mayo
Plaza de Mayo Plaza de Mayo

’s Avonds hadden we eigenlijk geen trek meer om nog wat te eten, dus zijn we in hetzelfde cafeetje wat gaan drinken. Je krijgt er hier altijd wat te knabbelen bij. En tenslotte waren we ook wel weer eens aan een goede nachtrust toe.